Sociale Zekerheid Zelfstandigen wijzigt vanaf 1 januari 2015.

Situatie vóór 31 december 2014

1. De zelfstandige beroepsbeoefenaar betaalt zijn sociale zekerheid op basis van het inkomen van 3 jaar geleden. Deze schuld is definitief en wordt niet verlaagd of verhoogd naar mate van de werkelijke inkomsten van het jaar van betaling.

Dus: Sociale zekerheid betaalt in 2014 is op basis van het inkomen van 2011. Dit is een definitieve bijdrage.

2. De sociale zekerheid wordt berekend op basis van een volledig jaar beroepsactiviteit.

3. Er is sociale zekerheid verschuldigd op stopzettingsmeerwaarden.

4. Bij pensionering dient de zelfstandige geen bijdrage meer te betalen.

Situatie vanaf 1 januari 2015

Vanaf 1 januari 2015 zal er heel wat wijzigen.

1. Berekening sociale zekerheid

De sociale zekerheid wordt berekend en is verschuldigd in het jaar van inkomsten. Dus de sociale zekerheid berekent in 2015 is op basis van het werkelijk belastbaar inkomen van 2015. Omdat in de loop van 2015 het inkomen van 2015 natuurlijk nog niet gekend is, werd beslist om de inkomsten voorlopig in te schatten op basis van het inkomen van 2012. Maar in tegenstelling tot vóór 2015 mag de zelfstandige beroepsbeoefenaar hier nu van afwijken. Wanneer het beroepsinkomen definitief gekend is, dan zal de zelfstandige beroepsbeoefenaar hetzij sociale zekerheid bijbetalen, hetzij terugkrijgen.

Hoe kan men afwijken van de door de RSVZ ingeschatte voorlopige bijdrage?

1. De zelfstandige schat zelf zijn inkomen hoger in.

Hij doet een eenvoudige aanvraag tot bijstorting, en betaalt deze.

2. De zelfstandige schat zelf zijn inkomen lager in.

Hij dient op basis van objectieve elementen de RSVZ te overtuigen dat de beroepsinkomsten 2015 werkelijk lager zullen zijn dan in 2012.
De zelfstandige schat zijn inkomen lager in dan 12.870,43 euro, dan kan zijn bijdrage verlaagd worden naar de minimumbijdrage zelfstandigen.
De zelfstandige schat zijn inkomen lager in dan 25.740,86 euro dan kan zijn bijdrage verlaagd worden naar 2 maal de minimumbijdrage zelfstandigen.

Let wel op!: Indien dan achteraf blijkt dat het werkelijk beroepsinkomen toch hoger is, en de zelfstandige beroepsbeoefenaar zijn inkomen lager inschatte, dan zal hij verhogingen dienen te betalen. Deze verhogingen zijn hoog en bedragen 3% maal het aantal kwartalen tussen het bijdragejaar en de regularisatie plus éénmalig 7%.

2. Berekening van sociale zekerheid bij een onvolledig jaar activiteit

De verschuldigde sociale zekerheid wordt pro rata berekend, in tegenstelling tot vroeger waar deze berekend werd op een volledig jaar tewerkstelling.

3. Er is geen sociale zekerheid meer verschuldigd op stopzettingsmeerwaarden

Om dit recht te zetten , dient de zelfstandige beroepsbeoefenaar hiervan het bewijs te leveren aan zijn sociaal verzekeringsfonds.

Let wel!: Om van deze vrijstelling te genieten mag men na stopzetting geen zelfstandige activiteit meer uitoefenen tot 31 december van het jaar na stopzetting.

4. Sociale zekerheid te betalen bij stopzetting

Doordat de sociale zekerheid ingeschat wordt en geregulariseerd wordt nadat de werkelijk inkomsten gekend zijn, is het dus mogelijk dat na stopzetting nog sociale zekerheid betaald dient te worden.
Dit zal voor velen zeer moeilijk zijn.
Omdat dit dus ook bij pensionering geldt, wordt, in geval van pensionering, hiervan afgeweken.
Zelfstandigen die met pensioen gaan en ten gevolge van het pensioen hun activiteit stopzetten kunnen er voor kiezen om de bijdragen van het jaar van pensioen en de drie voorgaande jaren niet te regulariseren.

Nota: De opgenomen bedragen zijn van 2014. Deze bedragen worden ieder jaar geïndexeerd.